
In de zomer van 1959 kreeg ik mijn eerste gitaar: een witte Egmond. Hoe hip kon het zijn! Volgens mij kwam de gitaar uit muziekwinkel De Liefde, Stevinstraat 41, Scheveningen. Ook mijn buurjongen Louis Verreijen kreeg zo’n gitaar, en dus gingen we samen spelen. De eerste akkoorden uit een boekje. Veel zelfstudie. En zingen… Liedjes van The Everly Brothers, Blue Diamonds e.d.

Al spoedig gingen we met andere jongens uit de buurt muziek maken. Ons eerste bandje kreeg de naam The Country Hoedowns. We oefenden in de gezellige kelder van vriend Wiebe in de Dirk Hoogenraadstraat. Met eigengemaakte speakerkasten en versterkers, Framus, Egmond en Höfner gitaren.

Links achter staat Louis Verreyen, daarnaast ikzelf, rechts zittend is Harry van Lent, maar wie zijn die andere jongens? Sta jij erbij? Laat het me snel weten!


Mijn nieuwe Framus gitaar kocht ik in 1962 bij Muziekhandel Bas v.d. Rest de muziekwinkel in het Westeinde. Een aantrekkelijk onderdeel van deze aankoop was, dat je voordelig gitaarles kon krijgen van Rein de Vries (Patsy) of René Nodelijk, toen al bekend van René and the Alligators. Van René kreeg ik dus mijn eerste rock instrumental lessen.

Ik sta rechtsboven met mijn Framus gitaar. Dat René nog steeds zeer actief is, is te zien op zijn site: www.reneemusic.nl. Een leuke en interessante site over de muziekwinkels in en rond het Westeinde is: www.westenddrums.nl.
In deze periode trok ik op met de jongens van de band The Tornado’s, we zaten op dezelfde school. De School voor de Detailhandel in De Gheynstraat 129 Den Haag.


Een rijbewijs had ik natuurlijk nog niet, maar als ik veel succes zou hebben in de muziek, dan was een van deze auto’s voor mij.

Na de korte samenwerking met deze groep ben ik gaan spelen in de succesvolle band The Black Devils (maar er waren er meer met deze naam…)


Inmiddels was ik ook overgestapt naar een nieuwe gitaarleraar. Bij ons achter in Scheveningen woonde Ellert Kramer en hij was de toetsenist en zanger van het Meteoorkwartet. In die tijd een bekend dans- en showorkest met een internationale uitstraling.

Van Ellert Kramer kreeg ik enige tijd gitaarles. Ik mocht dan spelen op zijn prachtige Höfner Jazzgitaar. Als je de gitaarkoffer opende, dan kwam er een heerlijke muzikale houtgeur naar boven.
Er was nog geen Voice of Holland, of the X factor, of Holland got Talent… Wij moesten het doen met lokale talentenjachten in lunchrooms of restaurants. Zo stonden wij op 31 januari 1963 in de bekende lunchroom Heck op het Spui, in Den Haag voor een talentenjacht. The Black Devils eindigden op de 5e plaats.

De jongen rechts met gitaar, had de leiding, en we oefenden bij hem in de schuur. Zijn naam: Paul Graafland en hij woonde in de Theresiastraat 127a, Den Haag. Favoriet waren natuurlijk nummers van Cliff Richard & The Shadows, Fats, Elvis e.v.a.


Ook was ik een grote fan van The Ventures. En nog steeds.


Er volgde diverse optredens, en… we werden genoemd in de krant!

Eind 1963 stapte ik over naar de band The Rythme Shakers. Ik speel dan inmiddels basgitaar en zing. Deze band is een langer leven beschoren en heeft redelijk wat succes met veel optredens. Leden van het eerste uur waren Joe Miller (zang, zijn echte naam is?), Theo Kortekaas (sologitaar), basgitaar Nico Hegt, naam van de drummer onbekend. De leider van de band was Theo Kortekaas en woonde op de Kokosnootstraat 22, Den Haag.

De eigen gemaakte versterkers en speakerkasten zijn duidelijk zichtbaar. In het begin speelden we heel veel in Dancing “Bambula Club”. Een beat club in het bekende Circustheater Strassburger Scheveningen.

Later werd Ferry (F.N.D.) Hamer de drummer. Hij werd ook onze manager en woonde aan de van Aerssenstraat 230 Den Haag. En wat waren we trots op onze mooie pakken, en natuurlijk de eerste kleurenfoto’s van de optredens in de Dancing Bambula Club. Ik was inmiddels 17 jaar.

Samen met de mannen van The West-Coast JazzBand hebben we veel optredens gedaan in de Circusclub.




In augustus 1964 toerden we met de band in Friesland, o.a. in Grouw. We speelden op campings met als enige vergoeding dat we gratis mochten camperen. In een oude Opel-station, met onze muziekspullen en tenten zwierven we daar een paar weken rond.

Mooie tijd op de campings in Friesland… Na de vakantietoer gaan we weer door met gewone optredens. Er heeft een wisseling plaatsgevonden in de bezetting. Ferry Hamer is de vaste drummer geworden en er is naast Theo Kortekaas een nieuwe gitarist (Rudy van Wijngaarden??). Let even op, op de achtergrond zie je de eigen gemaakte speakerkasten, de zelf gebouwde versterkers en…toch ook al een Dynacord Echo…

Wiens vriendin was het die hier even meespeelde?


En opeens hadden we ook een echte zanger…met de naam Bullo… Deze formatie was kennelijk succesvol, want we gingen de regio in. Zo was er een optreden in Monster voor de R.K. Gymnastiekvereniging St. Michael. En voor 1 gulden en vijfentwintig cent mocht je naar binnen.


Zo zie ik in mijn oude fotoboek foto’s van een optreden in “De Buut”. Echter met een andere gitarist: Nico Groenendijk.

En dan…. is het bijna afgelopen. Althans, meer foto’s uit deze sixties periode heb ik niet. Dus kan ik ook niet verder achterhalen hoe het verder is verlopen. Het einde van mijn muzikale sixties tijd nadert. Ik neem ik afscheid van mijn Höfner basgitaar.

Tja, had ik ‘m nog maar, die originele Höfner vioolbas…

Onder andere door het vroegtijdig overlijden van mijn vader stopte ik met de muziek en het vrije leven. Er is een nieuwe roeping voor mij weggelegd: In (vervroegde) dienst bij de Koninklijke Luchtmacht.

Het verhaal gaat verder in “De jaren 80 en verder“.
